Bundel De NieuwepsalmberijmingBESTEL DE BUNDEL:

Bestel de bundel met 30 nieuw berijmde psalmen. De psalmen in deze bundel zijn geschreven door de dichters Jan Pieter Kuijper, Arie Maasland, Adriaan Molenaar, Jan Boom en Arjen Vreugdenhil.

52 pagina's, paperback
ISBN: 9789023970392

 

Samenzang Psalm 98 en 122

Bekijk de volledige tekst

Psalm 139 - Zang: Gerald Troost

Bekijk de volledige tekst

Schrijf je in voor de nieuwsbrief:

de nieuwe psalmberijming

De psalmen waren het liedboek van Jezus. Hij droeg ze in zijn hart. Op de meest kritieke momenten horen we Jezus de psalmen herhalen die Hij heeft geleerd. In onze kerkelijke liedcultuur mogen we de psalmen niet verliezen. De oude Geneefse melodieën zijn voor velen vertrouwd en zijn nog altijd uitstekend te zingen onder begeleiding van verschillende instrumenten. De Nieuwe Psalmberijming biedt u een berijming die én eigentijds is én dicht bij de Bijbeltekst blijft. 

De Nieuwe Psalmberijming is een initiatief van de stichting Dicht bij de Bijbel. Deze stichting wil de inhoud van de Bijbel op een aansprekende manier toegankelijk maken door het vervaardigen van Schriftberijmingen in eigentijdse taal. In de loop van 2014 is de stichting gestart met De Nieuwe Psalmberijming en ondertussen zijn er ruim 90 psalmen afgerond die op de website te vinden zijn.

Ga direct naar de afgeronde psalmen

 

Nu eens juichend dan weer klagend betrekken de psalmen God in het concrete leven van echte mensen. Ze worden ons door de Bijbel aangegeven om ons in de omgang met God op de juiste toonhoogte te brengen en te houden. Lees meer »

Arjan Witzier

Ds. B.A.T. Witzier
Christelijke Gereformeerde Kerk te Apeldoorn-Centrum

Lees alle quotes

Onlangs toegevoegde psalmen

1. Gelukkig wie verkeerd gezelschap mijdt,
wie niet het pad kiest dat tot zonde leidt,
wie weigert om met spotters op te trekken.
Gelukkig wie de rijkdom wil ontdekken
van wat de HEER hem in zijn wetten leert,
wie daar verheugd steeds over mediteert.

2. Hij is een boom in goede grond geplant,
die is geworteld aan de waterkant.
Als het zijn tijd is zal hij vruchten dragen.
Zijn blad verdort zelfs niet op hete dagen.
Hij groeit en bloeit bij alles wat hij doet.
Wat hij ook onderneemt, het gaat hem goed.

3. Het zal de wettelozen slecht vergaan:
zij kunnen in het oordeel niet bestaan.
Zoals de wind het kaf scheidt van het koren,
zo blaast God weg wie niet bij Hem wil horen.
De HEER beveiligt wie rechtvaardig is;
de zondaar eindigt in de duisternis.

1. Prijs God! Verkondig van de daken
hoe Hij zijn naam weet waar te maken.
Zing vrolijk bij je instrument.
Maak overal zijn macht bekend.
Wees opgetogen, geef Hem eer,
jij die je heil zoekt bij de HEER.

2. Vraag naar de HEER en naar zijn daden.
Verwacht voortdurend zijn genade.
Volk door de HEER apart gezet,
zorg dat je op zijn almacht let.
Laat altijd worden doorverteld
hoe wijs Hij vonnis heeft geveld.

3. God, die ons als zijn volk aanvaardde,
is rechter van de hele aarde.
Voor altijd blijft zijn woord van kracht,
zelfs voor het late nageslacht.
De God van Abraham verbindt
zich liefdevol aan ieder kind.

4. Aan Izak heeft de HEER gezworen
dat hij altijd bij Hem mocht horen.
Met Jakob deelde Hij zijn plan:
‘Jouw erfenis is Kanaän;
dat land wordt helemaal van jou
als teken van mijn grote trouw.’

5. Toen zij, een handvol vreemdelingen,
door onbekende landen gingen,
stond God hen als hun redder bij.
Wie aan zijn volk kwam, strafte Hij:
‘Laat mijn gezalfden veilig gaan
en raak hen met geen vinger aan!’

6. De HEER trof de Egyptenaren
met zeven zware hongerjaren.
Hij had zijn plan al uitgedacht
en Jozef naar hun land gebracht.
Maar die kwam in de cel terecht,
tot uitkwam wat God had voorzegd.

7. Nadat de koning hem bevrijdde
mocht hij het koninkrijk gaan leiden.
Hij kreeg de schatkist in beheer.
De volken bogen voor hem neer.
Ministers deden wat hij zei
en wijzen adviseerde hij.

8. Toen kwamen Jakob en zijn zonen
bij Jozef in Egypte wonen.
De HEER heeft daar hun nageslacht
tot ongekende bloei gebracht.
Egypte gaf hen op Gods tijd
uit angst en afgunst dwangarbeid.

9. God droeg, toen Hij zijn volk zag lijden,
aan Mozes op hen te bevrijden.
Aäron vroeg Hij mee te gaan.
Zij kondigden Gods straffen aan.
Een tiental rampen overkwam
de mensen in het land van Cham.

10. God liet de lucht geheel betrekken;
er viel geen licht meer te ontdekken.
Hij kleurde al het water rood
en alle vissen gingen dood.
Een leger kikkers kwam brutaal
tot in de koninklijke zaal.

11. God liet een horde muggen komen,
verwoestte land en vijgenbomen.
Zwaar noodweer richtte schade aan.
De sprinkhaan liet geen plantje staan.
God doodde met zijn eigen hand
de oudste zonen van het land.

12. Het was de HEER die hen bevrijdde
en schatrijk uit Egypte leidde.
Na wat God hen had aangedaan
zag men het slavenvolk graag gaan.
De HEER trok mee en hield de wacht:
een wolk bij dag, een vuur bij nacht.

13. Nooit heeft de HEER zijn volk vergeten.
Als zij het vroegen, gaf Hij eten.
Fris water stroomde uit een steen,
meer dan genoeg voor iedereen.
God dacht aan Abraham, zijn knecht,
aan wat Hij hem had toegezegd.

14. Blij mochten zij het land verlaten
waarin zij lang gevangen zaten.
God gaf hun bouw- en weidegrond
en akkers waar al graan op stond -
om daar te leven tot zijn eer,
om Hem te dienen. Prijs de HEER!

1. God, kom mij helpen, red mij snel;
de vijand wil mijn bloed vergieten!
Laat hen beschaamd van kleur verschieten;
mijn goede naam staat op het spel.
Laat wie U zoeken, zich verblijden
en vrolijk zeggen: ‘God is groot!’
HEER, ik ben zwak en diep in nood.
Wacht niet, maar kom mij snel bevrijden!

Steun onze missie

Steun ons werk om de psalmen te herdichten in de taal van nu.

Betaal met iDEAL

of word vriend van Stichting Dicht bij de Bijbel voor € 37,50 per jaar en ontvang een uniek welkomstgeschenk.