Bij Goede Vrijdag

De zoon werd op het hout gelegd.
Zijn vader heeft dat zelf gedaan.
Dat was hem door de Heer gezegd.
Dus was er geen ontkomen aan.

De zoon had nog een vraag gesteld:
‘Waarom geen offerdier te zien?’
Zijn vader had het hem verteld:
‘Daar zal de Heer wel in voorzien.’

Vader en zoon waren bereid
te doen wat God hun had gevraagd.
Zij kenden zijn betrouwbaarheid
en hebben het met Hem gewaagd.

De Heer heeft aan zijn woord voldaan
en heeft de zoon op zijn gezag
vanaf het hout weer op doen staan:
nieuw leven op de derde dag.

De Zoon werd op het hout gelegd.
De mensen hebben dat gedaan.
Al wat zijn Vader had gezegd
heeft Hij toen moeten ondergaan.

‘Mijn God, mijn God, ik ben U kwijt.’
Niemand die tussenbeide kwam.
Vanwege Gods gerechtigheid
werd Hij geofferd als een lam.

Wij, in het duister van de nacht,
wij hopen op de derde dag.

© Tekst: Bram Wattèl

Delen:

Bijbelgedeelte

Genesis 22; Marcus 15
naar het overzicht naar het overzicht
© 2026 Dicht bij de Bijbel
Website door web-it.nl

Contact | Sitemap | Disclaimer
IBAN: NL20 RABO 0198 2557 64

Weergaveopties