Judas
1. Ik heb mijn Heer verraden.
Ik wilde niet meer bij Hem zijn.
In mij ontkiemden zaden
die satan had gezaaid in mij.
2. Ik kreeg wat zilverlingen,
die nacht dat ik de Heer verried.
Ik zag hun glinsteringen.
Een slavenprijs, meer was het niet.
3. Toen wilden zij Hem doden.
Mijn leugen brak, de schuld trof mij.
Ik heb mijn hoofd gebogen,
maar mijn berouw verwierpen zij.
4. Mijn God, is dit te keren?
Ik heb dit zo verkeerd gedaan.
Ik wil me niet verweren.
Mijn oordeel gunt me geen bestaan.
5. Waarom ben ik geboren?
Ben ik een mens die leven erft
als zaad dat groeit tot koren?
Wees mij genadig als ik sterf.
Bijbelgedeelte
Mattheus 27:1-5; Johannes 13:1-30Gebruik in diensten
Wij willen u aanmoedigen dit lied binnen uw kerkelijke gemeenschap te gebruiken.
