Kom, werk voor mij
1. De dauw bedekt de droge klei;
de oogsttijd is gekomen.
De vader vraagt: ‘Kom, werk voor mij,
de wijnpers moet gaan stromen.’
2. De eerste zoon roept kort en stug:
’Ik wil niet voor u bukken!’
Maar later komt hij toch terug
om druiven te gaan plukken.
3. De ander zegt volmondig: ’Ja,
ik haal de trossen binnen.’
Hij komt zijn vrome woord niet na;
hij weigert te beginnen.
4. Wie doet de Vaders wil vandaag,
wie wil zich aan Hem binden?
Wie dienend buigt voor deze vraag
is bij de pers te vinden.
5. Ik zeg te snel in vrome schijn:
‘Ik zal uw wil volbrengen.’
Maar in de wijngaard blijf ik klein,
waar dauw en stof zich mengen.
Bijbelgedeelte
Mattheüs 21:28-32Melodie
The King of Love My Shepherd Is (St Columba)Gebruik in diensten
Wij willen u aanmoedigen dit lied binnen uw kerkelijke gemeenschap te gebruiken.
