Ziek van liefde
Hij
1. Vrij mag ik mijn hof ontdekken,
mijn vriendin, mijn lieve bruid.
Ik dwaal langs de mooiste plekken,
pluk de mirre, ruik het kruid.
Ik zie gouden honing vloeien
en geniet van melk en wijn.
Vrienden, laat de liefde bloeien,
laat ons vol vervoering zijn!
Zij
2. Tussen slaap en wakend dromen,
klonk de stem van wie ik hou:
‘Mooiste, laat mij binnenkomen;
kijk, mijn haar druipt van de dauw.’
Zonder kleed, op blote voeten –
moest ik zo naar hem toegaan?
Maar ik wilde hem ontmoeten;
trillend ben ik opgestaan.
3. Mirre drupte van mijn handen,
toen ik opendeed voor hem.
Liefde liet mijn hart ontbranden,
maar verdwenen was zijn stem.
Duizeling had mij bevangen,
radeloos van diep verdriet.
Zoekend riep ik vol verlangen –
hij was weg, ik vond hem niet.
4. Wachters die hun ronde maakten,
overvielen mij op straat.
Handen die mij pijnlijk raakten,
stalen ruw mijn bruidsgewaad.
Meisjes, jullie moeten zweren:
als je soms mijn lief ontmoet,
zeg dat hij terug moet keren,
dat mijn hart van liefde bloedt!
De meisjes
5. Mooiste vrouw van alle vrouwen,
waarom vraag je dit met klem?
Wil je aan ons toevertrouwen
wat zo prachtig is aan hem?
Zij
Hij is stralend en verheven,
hij stijgt boven allen uit.
Zwarte ravenlokken zweven
langs zijn zuiver gouden huid.
6. Wangen die als tuinen bloeien;
ogen, badend in de melk.
Lippen die van mirre vloeien,
als een open leliekelk.
Gouden armen, edel, krachtig,
met turkoois als koningsmerk.
Zijn ivoren lijf is prachtig,
met saffier als meesterwerk.
7. Benen die als zuilen waken;
voeten, blinkend in de zon.
Haast kan hij de hemel raken,
als een boom uit Libanon.
O, zijn mond is zoet en heerlijk,
meisjes van Jeruzalem!
Alles aan hem is begeerlijk,
heel mijn hart verlangt naar hem!
Bijbelgedeelte
Hooglied 5Melodie
Wat de toekomst brenge mogeGebruik in diensten
Wij willen u aanmoedigen dit lied binnen uw kerkelijke gemeenschap te gebruiken.
