Simon van Cyrene

Ik droeg het kruis terwijl de wereld joelde
achter Hem aan, en kreeg een stevig deel
van alle spot die ze voor Hem bedoelden.
Ik wilde niet, het kostte me te veel.
Onder de dwarsbalk en de ruwe handen
van de soldaten kromp ik in elkaar.
Het pijnlijkste van alles was de schande:
Ik liep te zwoegen als een moordenaar.

Tot ik ging inzien, met vernieuwde ogen,
hoe Jezus deze kwelling onderging.
In zijn gestalte zag ik mededogen
dat sterker was dan de vernedering.
Mijn schouders werden blauw, de zijne bloedden.
Ik was onwillig, Hij was als een lam.
Dankzij het kruis begon ik te vermoeden
hoe groot de last was die Hij op zich nam.

Ik voelde hoe mijn dwarsbalk-zware zonden
Hem raakten in zijn lichaam, in zijn hart.
Zo werd ik gaandeweg aan Hem verbonden:
ik deelde in Zijn liefde en Zijn smart.
Dit kruis leek zinloos, maar het was een zegen.
Het heeft mijn leven richting God geleid.
Dankzij het kruis heb ik een wil gekregen
die buigzaam is; ik raak mijn zelfzucht kwijt.

Ik heb het kruis van Jezus meegedragen,
mijn voeten in zijn donkerrode spoor.
Ik wilde niet, ze hebben me geslagen.
Toen moest het maar – nu dank ik God ervoor.

Tekst: Arie Maasland

Ik droeg het kruis terwijl de wereld joelde
achter Hem aan, en kreeg een stevig deel
van alle spot die ze voor Hem bedoelden.
Ik wilde niet, het kostte me te veel.
Onder de dwarsbalk en de ruwe handen
van de soldaten kromp ik in elkaar.
Het pijnlijkste van alles was de schande:
Ik liep te zwoegen als een moordenaar.

Tot ik ging inzien, met vernieuwde ogen,
hoe Jezus deze kwelling onderging.
In zijn gestalte zag ik mededogen
dat sterker was dan de vernedering.
Mijn schouders werden blauw, de zijne bloedden.
Ik was onwillig, Hij was als een lam.
Dankzij het kruis begon ik te vermoeden
hoe groot de last was die Hij op zich nam.

Ik voelde hoe mijn dwarsbalk-zware zonden
Hem raakten in zijn lichaam, in zijn hart.
Zo werd ik gaandeweg aan Hem verbonden:
ik deelde in Zijn liefde en Zijn smart.
Dit kruis leek zinloos, maar het was een zegen.
Het heeft mijn leven richting God geleid.
Dankzij het kruis heb ik een wil gekregen
die buigzaam is; ik raak mijn zelfzucht kwijt.

Ik heb het kruis van Jezus meegedragen,
mijn voeten in zijn donkerrode spoor.
Ik wilde niet, ze hebben me geslagen.
Toen moest het maar – nu dank ik God ervoor.

Informatie

Bijbelgedeelte: MattheĆ¼s 27:32
Tekst: Arie Maasland

Video-opname

Abonneer op het YouTube kanaal:


© Dicht bij de Bijbel
Alle rechten voorbehouden

© 2018 Dicht bij de Bijbel
Webontwikkeling: m&m web-it